Nabestaandenpensioen bij overlijden vóór pensionering

Per 1 januari 2027 verandert het nabestaandenpensioen in de nieuwe pensioenregeling van ABP. Deze regeling geldt voor de situatie dat je overlijdt vóór je pensioen. Controleer in elk geval of je partner goed bekend is bij ABP en kijk wat er gebeurt als je situatie verandert. Bijvoorbeeld als je een baan buiten de politie wil. Lees verder voor alle wijzigingen en de gevolgen.
Wat is nabestaandenpensioen?
Nabestaandenpensioen is een uitkering voor je partner en kinderen als je overlijdt. Je partner krijgt partnerpensioen zolang je partner leeft. Je kinderen kunnen wezenpensioen krijgen tot zij 25 jaar zijn.
Partnerpensioen in de nieuwe regeling
Als je overlijdt terwijl je pensioen opbouwt bij ABP, ontvangt je partner een partnerpensioen. De hoogte van deze uitkering is 41% van het inkomen dat meetelt voor je pensioen, het pensioengevend inkomen.
Direct nadat je in dienst bent gekomen is er dus een pensioen voor je partner en/of kinderen geregeld. En de hoogte is afhankelijk van het inkomen nú. Tot 1 januari 2027 is het Nabestaandenpensioen nog afhankelijk van hoeveel pensioen je opbouwt voor jezelf.
Wanneer is je partner verzekerd?
Je partner is verzekerd voor partnerpensioen als je deelneemt aan de pensioenregeling van ABP. Dat is in ieder geval zo als je zelf werkt en pensioen opbouwt.
De eerste drie maanden na het einde van je dienstverband ben je ook standaard verzekerd.
In een aantal situaties blijft de verzekering ook na deze drie maanden bestaan, bijvoorbeeld als je arbeidsongeschikt bent of een werkloosheids-, ziektewet- of ontslaguitkering ontvangt.
Partner- en wezenpensioen dat je al hebt opgebouwd
Het partner- en wezenpensioen dat je tot 1 januari 2027 hebt opgebouwd, houd je. Dit opgebouwde pensioen blijft beschikbaar voor je partner. Ook als je geen pensioen meer opbouwt bij ABP.
Dit opgebouwde partner- en wezenpensioen komt boven op het partnerpensioen volgens de nieuwe regeling.
Partnerpensioen wijzigt 1 keer per jaar
Het partner- en wezenpensioen dat je nabestaanden elke maand ontvangen na je overlijden, stelt ABP 1 keer per jaar vast op 1 januari. Dat bedrag blijft vervolgens het hele jaar hetzelfde. ABP neemt maatregelen voor een zo koopkrachtig en stabiel mogelijk pensioen.
Wezenpensioen
Als je overlijdt, kunnen je kinderen wezenpensioen krijgen. Deze uitkering loopt tot zij 25 jaar zijn. De hoogte van het wezenpensioen is 7% van het pensioengevend inkomen. Mochten beide ouders zijn overleden dan ontvangen zij 14%.
Wat betekent dit voor jou?
De nieuwe regeling maakt duidelijk dat er partnerpensioen is zolang je deelneemt aan de pensioenregeling van ABP of in een aantal situaties daarna.
Verandert je situatie, bijvoorbeeld doordat je stopt met werken. Dan is het belangrijk om na te gaan welke consequenties dit heeft voor het nabestaandenpensioen. Komt de verzekering van het nabestaandenpensioen in een bepaalde situatie te vervallen, dan is er de mogelijkheid om de verzekering van het nabestaandenpensioen vrijwillig voort te zetten.
Wat kun je doen?
Controleer of je partner goed bekend is bij ABP en kijk wat er gebeurt als je situatie verandert. Op de website van ABP vind je meer informatie.